Promoveren: kansrijk onderzoeken - door Vera Oosterhuis

Wanneer mij gevraagd werd wat ik studeerde en het antwoord criminologie was, dachten mensen vaak dat ik bij de politie zou gaan werken of in een CSI-achtige setting terecht zou komen. Zelf had ik al snel door dat dat niet het geval zou zijn, maar waar ik wel terecht zou gaan komen bleef ook voor mij nog lang een grote vraag. Toch ging ik nog geen twee maanden nadat ik afstudeerde van start met mijn nieuwe baan: een PhD!

 

Ontdekking van de innerlijke wetenschapper

De wetenschap wordt vaak vergeten wanneer het gaat om het toekomstperspectief van criminologen (wat gezien de titel ‘bachelor of science’ en ‘master of science’ natuurlijk stiekem best opvallend is). Tijdens de opleiding krijg je als criminoloog al veel te maken met wetenschappelijk onderzoek, zowel door het lezen daarvan als door vakken over methodologie en het schrijven van papers. Veel studenten denken dat je hierdoor direct weet of onderzoek iets voor jou is of niet, maar uit persoonlijke ervaring kan ik vertellen dat niets minder waar is. De vakken gericht op onderzoek spraken mij namelijk nooit heel erg aan en het schrijven van papers die eigenlijk alleen geschreven worden om een cijfer te kunnen geven zo mogelijk nog minder. Desondanks was de kennis en ervaring die ik hierdoor heb kunnen opdoen wel ontzettend belangrijk om mij te brengen waar ik nu ben.

Mijn interesse in wetenschappelijk onderzoek werd pas echt aangewakkerd toen ik stage mocht lopen bij een onderzoek naar jongerenrechtbanken. Ik mocht hier het veld in en interviews houden en mocht zelfs meeschrijven aan het eindrapport. Er waren twee aspecten die maakten dat ik hier bijzonder enthousiast over werd. Ten eerste kon ik mij helemaal vastbijten en verdiepen in een specifiek onderwerp (nerdalert). Ten tweede zou alle tijd en moeite die ik hier in stopte daadwerkelijk voor een goed doel zijn en een verschil gaan maken in de praktijk. Dit sprak mij zo aan dat ik in mijn masterfase uitkeek naar de volgende onderzoeksstage die ik mocht gaan doen. Bij deze tweede stage werd mijn interesse nog meer bevestigd en moest ik tegen mijn eigen verwachting in toch concluderen dat onderzoek wel degelijk wat voor mij was!

Tijdens de stage in mijn masterfase ging ik nadenken over wat ik daarna wilde gaan doen. De praktijk in en met jongeren werken, de recherchekundige opleiding of toch een PhD? Het had allemaal echter nog geen haast, want ik was van plan eerst een tweede master af te ronden. Dat plan veranderde totaal toen ik na mijn eerste masterscriptie door mijn tweede lezer werd gewezen op een openstaande vacature voor een PhD-positie. Hoewel het niet helemaal in mijn planning paste, besloot ik ervoor te gaan en te zien waar het schip strandde. Nu – acht maanden later – ben ik druk bezig met de dataverzameling voor mijn eerste artikel en begeleid ik twee stagiaires tijdens hun eigen masterstage.

 

Het ‘hoe’ en ‘waarom’

Een PhD is een baan waarbij je enerzijds nog student bent, maar tegelijkertijd ook werkt. Het is een onderzoekstraject waarin het uiteindelijke doel is om een proefschrift te schrijven en te promoveren. PhD’s komen echter in vele soorten en maten en het verloopt dus ook voor iedereen anders. Meestal zet je je eigen onderzoek op en voer je dat plan in vier jaar uit. Je verzamelt data, schrijft artikelen, bezoekt congressen en volgt cursussen. In de meeste gevallen verzorg je daarnaast ook onderwijs, maar dat geldt niet voor alle PhD’s. Na vier jaar (of vijf in mijn geval) mag je dan vervolgens je proefschrift verdedigen en (indien succesvol afgerond) vanaf dat moment als Doctor door het leven gaan.

Ik ben dus aan mijn promotieplek gekomen door te solliciteren op een openstaande vacature, maar dit is zeker niet de enige manier. Je kan namelijk ook zelf een voorstel indienen bij een universiteit (een soort open sollicitatie op PhD-gebied) of meedoen aan de selectie voor een beurs. Sommige universiteiten bieden zelfs een pre-PhD programma aan, waarbij je wordt voorbereid op het schrijven van een onderzoeksplan en het doen van zelfstandig onderzoek. Dit biedt overigens geen garantie op een PhD-positie, maar het geeft je wel een goede basis om een positie te gaan bemachtigen. Daarnaast kun je fulltime promoveren of promoveren naast een andere baan. Je hoeft er dan ook niet altijd direct na je master mee te beginnen, maar kan er net zo goed voor kiezen eerst andere werkervaring op te doen. Zolang je een masterdiploma hebt, zijn de opties dus eigenlijk heel breed!

Hoewel het (net als de meeste banen trouwens) niet voor iedereen weggelegd is, zitten er veel voordelen aan promoveren. Ten eerste heb je zelf veel invloed op het onderwerp waarin je je gaat verdiepen. Je kan een onderwerp kiezen dat echt bij jouw interesses past en je hier vervolgens helemaal op storten. Op deze manier kun je ervoor zorgen dat jij een van de experts wordt op het gebied van jouw interesse en kun je tegelijkertijd netwerken in dat vakgebied. Ten tweede biedt het je de mogelijkheid om je na je master nog verder te ontwikkelen op universitair vlak. Enerzijds leer je al die onderzoeksvaardigheden uit de bachelor en master in praktijk toe te passen en anderzijds ontwikkel je je persoonlijk doordat je zelfstandig te werk gaat, presentaties geeft, kritisch reflecteert op eigen en andermans werk en ga zo maar door. Kortom, allemaal vaardigheden die in je verdere carrière – binnen of buiten de universiteit – goed van pas zullen komen. Bij de meeste faculteiten krijg je daarnaast de mogelijkheid om allerlei cursussen te volgen, waardoor je nog meer invloed hebt op de gebieden waar jij je verder in gaat ontwikkelen.

Als laatste voordeel wil ik nog even expliciet het netwerken benoemen. Tijdens een promotietraject ga je vaak verschillende congressen en symposia langs omtrent jouw onderwerp. Hier kom je in contact met ontzettend veel verschillende mensen van over de hele wereld die ook in dit onderwerp (of verwante onderwerpen) geïnteresseerd zijn. Hier heb je niet alleen wat aan voor je onderzoek, maar ook voor je verdere carrière! Daarnaast zul je tijdens je onderzoek waarschijnlijk ook in contact komen met verschillende mensen uit het werkveld. Zo heb ik inmiddels al verschillende strafrechters, werknemers van het OM en advocaten mogen interviewen en ben ik op een congres in contact gekomen met een aantal grote namen binnen mijn vakgebied, wat ontzettend inspirerend is voor een jonge wetenschapper.

 

Do’s (& don’t)

Om af te sluiten heb ik nog een paar algemene tips. Het belangrijkste is natuurlijk vooral dat je je eigen weg volgt en dat je daarvoor de juiste motivatie hebt. Zelf zou ik niet adviseren om zomaar ieder onderwerp aan te grijpen; het zogenaamde promoveren om het promoveren. Een PhD is een intensief meerjarenproject, dus het is belangrijk dat het onderwerp je echt aanspreekt. Daarnaast kun je met jouw onderzoek een verschil maken en een stukje passie voor het onderwerp zal daarbij goed van pas komen. Verder zou ik adviseren om eens een onderzoeksstage te lopen, zelfs als je de meer onderzoekgerichte vakken niet leuk vindt. Persoonlijk vond ik die vakken namelijk ook niet heel denderend, maar toen ik die kennis eenmaal in een echt onderzoek toe mocht passen werd dat een heel ander verhaal! Een andere belangrijke ervaring die ik hieruit heb meegenomen is dat begeleiders een ontzettend belangrijke rol kunnen spelen. Bij mijn beide stages kreeg ik veel vertrouwen en vrijheid van mijn begeleiders, waardoor ik helemaal zelf kon gaan ontdekken wat ik leuk vond en waar ik goed in was, maar toch op hun expertise terug kon vallen. Hoewel je je begeleiders natuurlijk niet altijd voor het kiezen hebt, is het wel aan te bevelen om altijd een goede band met ze op te bouwen en duidelijk te communiceren wat jij graag uit de stage wil halen. Een beetje enthousiasme en assertiviteit misstaat niemand!

Tot slot raad ik aan om – als je een promotietraject overweegt – vooral in gesprek te gaan met andere promovendi. Zij kunnen veel vertellen over het PhD-leven en hun ervaringen daarmee en dat geeft jou wellicht een veel beter beeld van wat je wil en hoe je dat kan bereiken. Mocht je deze laatste tip nou ter harte nemen, twijfel dan ook vooral niet om contact met mij op te nemen. De komende vier jaar ga ik in ieder geval nog nergens heen 😉.

 

 

 

 

 

©2015-2022 Het CNN - Info@hetcnn.nl

Log in with your credentials

Forgot your details?